Het sociaal statuut en de RVA

   
De RVA heeft op haar website een fichesysteem met de belangrijkste vragen en definities.
Raadpleeg dat systeem via deze link .
  

Veel gestelde vragen

 

Een kinderverzorgster begint onmiddellijk na haar studies te werken als onthaalouder. Wat als ze terug stopt?

Een kinderbegeleider in de gezinsopvang oefent een bijkomende activiteit uit in het weekend. Wat zijn de gevolgen?

Als een kinderbegeleider in de gezinsopvang gedurende een 5-tal weken inspringt voor een collega die ziek is, opent de eerste onthaalouder dan een recht op opvanguitkeringen achteraf?

Een kinderbegeleider in de gezinsopvang voert verbouwingswerken uit aan haar woning, waardoor ze gedurende een aantal weken geen kinderen kan opvangen. Maakt zij voor deze periode aanspraak op opvanguitkeringen?

Andere thema's

 

   
Antwoorden 


Een kinderverzorgster begint onmiddellijk na haar studies te werken als onthaalouder. Wat als ze terug stopt?

De regeling van uitkeringen toegekend aan jonge schoolverlaters is gewijzigd vanaf 1 januari 2012.De wachtuitkeringen en de wachttijd heten voortaan "inschakelingsuitkeringen" en "beroepsinschakelingstijd".De belangrijkste wijzigingen die in werking treden vanaf 1 januari 2012 zijn de volgende:
  • De jonge schoolverlaters dienen, ongeacht hun leeftijd, eerst een beroepsinschakelingstijd van 310 dagen te vervullen, vooraleer zij aanspraak kunnen maken op inschakelingsuitkeringen. Deze beroepsinschakelingstijd van 310 dagen is van toepassing vanaf 1 januari 2012, ook voor de schoolverlaters die zich in een lopende wachttijd bevinden. Dit beduidt dat schoolverlaters die afgestudeerd zijn in juni of juli 2011 en ingeschreven werden als werkzoekende vóór 10 augustus 2011, ten vroegste vanaf 27 juli 2012 recht kunnen hebben op uitkeringen (en zich dan kunnen aanmelden bij een uitbetalingsinstelling voor de indiening van een uitkeringsaanvraag).
  • De beroepsinschakelingstijd wordt niet verlengd noch verkort door studentenarbeid. Daarentegen worden de dagen studentenarbeid gelegen nà 31 juli volgend op het einde van de studies, in rekening gebracht voor de beroepsinschakelingstijd.
  •  De inschakelingsuitkeringen worden toegekend voor een periode van maximum 36 maanden, verlengbaar onder bepaalde voorwaarden. De berekening van dit krediet van 36 maanden start vanaf 1 januari 2012 (met andere woorden, de met wachtuitkeringen vergoede werkloosheidsperiodes gelegen voor 1 januari 2012 worden geneutraliseerd voor de berekening van het krediet).
  • Er zijn overgangsmaatregelen voorzien voor de jonge werknemers met gezinslast, de alleenwonenden en de bevoorrechte samenwonenden.
  • De RVA neemt de dagen dat de kinderverzorgster als kinderbegeleider  in de gezinsopvang werkte niet in aanmerking voor de berekening van de beroepsinschakelingstijd, omdat zij op die dagen niet beschikbaar was voor de arbeidsmarkt. De beroepsinschakeltijd begint in dit concrete voorbeeld pas te lopen vanaf het ogenblik dat ze de opvangactiviteiten stopzet en zich als werkzoekende opgeeft bij de VDAB.
  • Als de kinderverzorgster vóór de activiteit als kinderbegeleidster in de gezinsopvang reeds een aantal maanden beroepsinschakeltijd doorlopen zou hebben, dan blijft dit wel nog steeds geldig op het ogenblik dat ze stopt als onthaalouder.
      
Naar vragenlijst 
                                                                                                                                                                       
Andere thema's


Een kinderbegeleider in de gezinsopvang oefent een bijkomende activiteit uit in het weekend. Wat zijn de gevolgen?

Een bijkomende activiteit heeft tot gevolg dat het aantal dagen waarop zij deze activiteit uitoefent in mindering gebracht wordt van het aantal opvanguitkeringen waarop ze recht zou hebben. Als zij in de loop van de maand een activiteit uitoefent die leidt tot een vermindering van het recht op uitkeringen dan moet zij dit vermelden op het formulier C220B vooraleer ze het indient bij de uitbetalingsinstelling.

Naar vragenlijst 
                                                                                                                                                                       
Andere thema's


Als  een kinderbegeleider in de gezinsopvang gedurende een 5-tal weken inspringt voor een collega die ziek is, opent de eerste onthaalouder dan een recht op opvanguitkeringen achteraf?

Voor de kinderbegeleider in de gezinsopvang die gedurende meer dan 4 weken inspringt stel je opvangplannen op, ook al betreft het een tijdelijke situatie.
Je past de 4-wekenregel toe op dezelfde manier als bij andere kinderbegeleider. De inspringende kinderbegeleider heeft in dit concrete voorbeeld bijgevolg recht op opvanguitkeringen.
  
Naar vragenlijst 
                                                                                                                                                                       
Andere thema's


Een kinderbegeleider in de gezinsopvang voert verbouwingswerken uit aan haar woning, waardoor ze gedurende een aantal weken geen kinderen kan opvangen. Maakt zij voor deze periode aanspraak op opvanguitkeringen?

Deze periode doet voor de kinderbegeleider in de gezinsopvang geen recht op opvanguitkeringen ontstaan. De RVA beschouwt deze situatie niet als een "omstandigheid buiten de wil van de onthaalouder" en ze komt ook niet voor op de positieve lijst. Als een onthaalouder verbouwt, vormt dit geen overmachtsituatie.
  
Naar vragenlijst 
                                                                                                                                                                       
Andere thema's